Opties

    Call optie en put optie: wat is het verschil?

    Wat is een call optie en wat is een put optie? Uitleg over houder en schrijver, premie en uitoefenprijs, met rekenvoorbeeld.

    Tom Brouwers9 min leestijd

    Een call optie (calloptie) geeft de houder het recht, maar niet de plicht, om een onderliggende waarde tegen een vooraf bepaalde prijs af te nemen. Een putoptie geeft het recht om de onderliggende waarde tegen een vaste prijs te leveren. Tegenover elke houder staat een schrijver, die een premie ontvangt en daarvoor een verplichting aangaat. In dit artikel lees je hoe beide opties werken, wat het verschil is en welke risico's erbij horen.

    Wat is een optie?

    Er bestaan twee soorten opties: calls en puts. Een optie is een contract tussen twee partijen over een onderliggende waarde, zoals een aandeel of een index. De ene partij, de houder, betaalt een premie en krijgt daarmee een recht. De andere partij, de schrijver, ontvangt die premie en neemt een plicht op zich. Het recht geldt tegen een vooraf afgesproken prijs, de uitoefenprijs, en tot een bepaalde datum, de expiratiedatum. De schrijver van de optie is de partij die het recht verleent. Wil je eerst de basis lezen, bekijk dan onze uitleg over wat zijn opties.

    Wat is een calloptie?

    Een calloptie is het recht, maar niet de plicht, om een onderliggende waarde tot een bepaalde datum af te nemen tegen een vaste uitoefenprijs. Voor dat recht betaalt de houder een premie aan de schrijver. Als de koers van de onderliggende waarde stijgt, stijgt de waarde van de call. De houder van een call heeft dus baat bij een koersstijging: pas als de koers boven de uitoefenprijs plus de betaalde premie uitkomt, levert de positie per saldo iets op.

    Een call in bezit nemen (long call)

    Wie een call aanschaft, betaalt de premie vooraf. Stijgt de koers van het onderliggende aandeel ruim boven de uitoefenprijs, dan wordt het recht waardevol: je mag immers tegen een lagere prijs afnemen dan de marktprijs. Meer dan de premie plus kosten kan de houder van een call niet verliezen.

    Een call schrijven (gedekt en ongedekt)

    De schrijver van een call ontvangt de premie en verplicht zich om de onderliggende waarde tegen de uitoefenprijs te leveren als de houder zijn recht uitoefent. Daarbij is er een belangrijk onderscheid:

    • Gedekt schrijven (covered call): de schrijver heeft de onderliggende aandelen al in bezit. Wordt de optie uitgeoefend, dan levert hij die aandelen. Het risico zit dan vooral in gemiste koersstijging boven de uitoefenprijs, plus het gewone koersrisico van de aandelen zelf.
    • Ongedekt schrijven (naked call): de schrijver heeft de aandelen niet. Bij uitoefening moet hij ze tegen de dan geldende marktprijs aanschaffen om te kunnen leveren. Omdat een koers in theorie onbeperkt kan stijgen, is het verlies bij een ongedekt geschreven call in theorie onbeperkt.

    Wat is een putoptie?

    Een putoptie is het recht, maar niet de plicht, om een onderliggende waarde tot een bepaalde datum te leveren tegen een vaste uitoefenprijs. Ook hier betaalt de houder een premie. Een put wint aan waarde als de koers daalt. Beleggers gebruiken puts daarom ook om een bestaande positie tegen een daling af te dekken.

    Een put in bezit nemen (ook als afdekking)

    De houder van een put betaalt de premie en heeft baat bij een koersdaling onder de uitoefenprijs min de premie. Heeft een belegger al aandelen in bezit, dan werkt een put op die aandelen als een soort verzekering: daalt de koers sterk, dan stijgt de put in waarde en compenseert hij een deel van het verlies. Het maximale verlies voor de houder van een put is de betaalde premie plus kosten.

    Een put schrijven

    De schrijver van een put ontvangt de premie en verplicht zich om de onderliggende waarde af te nemen tegen de uitoefenprijs als de houder uitoefent. Daalt de koers fors, dan moet de schrijver aandelen afnemen voor een prijs die ver boven de marktprijs ligt. Het maximale verlies is de uitoefenprijs maal de contractgrootte, min de ontvangen premie.

    Het verschil tussen call en put in één tabel

    Kort gezegd: een call is het recht om af te nemen, een put is het recht om te leveren. De tabel zet de vier basisposities naast elkaar.

    Call (houder)Call (schrijver)Put (houder)Put (schrijver)
    Recht of plichtRecht om af te nemenPlicht om te leveren bij uitoefeningRecht om te leverenPlicht om af te nemen bij uitoefening
    PremieBetaaltOntvangtBetaaltOntvangt
    Verwachting waarbij de positie baat heeftKoers stijgtKoers stijgt niet of nauwelijksKoers daaltKoers daalt niet of nauwelijks
    Maximale winstIn theorie onbeperktDe ontvangen premieUitoefenprijs min premie (koers naar nul)De ontvangen premie
    Maximaal verliesDe betaalde premieOngedekt: in theorie onbeperktDe betaalde premieUitoefenprijs min premie (koers naar nul)

    Bedragen gelden per onderliggend aandeel en zijn exclusief transactiekosten.

    Rekenvoorbeeld

    Fictief voorbeeld. Alle bedragen zijn verzonnen en dienen alleen ter uitleg. Het gaat niet om een bestaand aandeel.

    Bij standaard aandelenopties op Euronext Amsterdam geeft één optiecontract normaal gesproken rechten over 100 onderliggende aandelen. De premie wordt genoteerd in euro per aandeel (bron: Euronext, contractspecificatie "Stock Options - Amsterdam - 100A", geraadpleegd 20-10-2026).

    Call. Aandeel X noteert € 50. Een call met uitoefenprijs € 50 kost € 2 premie per aandeel, dus € 200 per contract van 100 aandelen. Het break-evenpunt op de expiratiedatum ligt op € 52 (uitoefenprijs plus premie).

    • Koers op expiratie € 58: de call is € 8 per aandeel waard, € 800 per contract. Na aftrek van € 200 premie is het resultaat voor de houder + € 600. Voor de schrijver is het resultaat dan − € 600.
    • Koers op expiratie € 48: de call loopt waardeloos af. De houder verliest € 200, de schrijver houdt € 200 premie.

    Put. Een put op hetzelfde aandeel met uitoefenprijs € 50 kost € 1,50 per aandeel, € 150 per contract. Het break-evenpunt ligt op € 48,50.

    • Koers op expiratie € 44: de put is € 6 per aandeel waard, € 600 per contract. Resultaat voor de houder: + € 450. Voor de schrijver: − € 450.
    • Koers op expiratie € 53: de put loopt waardeloos af. De houder verliest € 150, de schrijver houdt € 150.
    • Ergste geval voor de schrijver: de koers gaat naar nul. Hij neemt dan 100 aandelen af voor € 5.000 die niets meer waard zijn. Na aftrek van de premie is het verlies € 4.850.

    Transactiekosten en eventuele margin zijn in dit voorbeeld buiten beschouwing gelaten.

    Uitoefenprijs, premie en looptijd

    Drie kenmerken bepalen elke optie: de uitoefenprijs (strike), de premie en de looptijd tot de expiratiedatum. De premie is de prijs van de optie zelf en schommelt dagelijks mee met de koers van de onderliggende waarde, de verwachte beweeglijkheid (volatiliteit), de resterende looptijd en de rente.

    Intrinsieke waarde en tijdswaarde

    De premie bestaat uit twee delen. De intrinsieke waarde is wat de optie op dit moment waard zou zijn bij directe uitoefening. Bij een call is dat koers min uitoefenprijs, bij een put uitoefenprijs min koers, met een minimum van nul. De tijdswaarde is het deel van de premie daarboven: de waarde van de mogelijkheid dat de optie tot expiratie nog gunstiger wordt. Naarmate de expiratiedatum nadert, wordt de tijdswaarde kleiner. Op de expiratiedatum is er alleen nog intrinsieke waarde over. Dit afnemen van de tijdswaarde heet tijdsverval.

    In, at en out of the money

    Een optie met intrinsieke waarde noemen we in the money. Ligt de koers precies rond de uitoefenprijs, dan is de optie at the money. Heeft de optie geen intrinsieke waarde, dan is hij out of the money. Meer daarover lees je in ons artikel over in en out of the money.

    Wanneer verloopt een optie?

    Een optie verloopt op de expiratiedatum. Voor de standaard maandopties op aandelen op Euronext Amsterdam stopt de handel op de derde vrijdag van de expiratiemaand. Is die vrijdag geen handelsdag, dan is de laatste handelsdag normaal gesproken de werkdag ervoor. Op de laatste handelsdag worden opties die in the money zijn automatisch uitgeoefend, tenzij de klant andere instructies geeft (bron: Euronext, contractspecificatie "Stock Options - Amsterdam - 100A", geraadpleegd 20-10-2026). De precieze regels verschillen per broker of clearinglid. Lees meer over expiratie.

    Europese en Amerikaanse opties

    Bij een Amerikaanse optie mag de houder op elke handelsdag tot en met de expiratie uitoefenen. Bij een Europese optie kan dat alleen op de expiratiedatum. De standaard aandelenopties op Euronext Amsterdam zijn Amerikaans van stijl (bron: Euronext, contractspecificatie, geraadpleegd 20-10-2026). Daarnaast noteert Euronext voor een deel van de aandelen ook Europese varianten. Meer uitleg vind je bij Amerikaanse opties. Voor opties op de index zelf, zie AEX-opties.

    Risico's van opties

    Opties zijn complexe financiële producten. Wie ermee belegt, doet er goed aan de volgende risico's te begrijpen:

    • Hefboom: met een relatief kleine premie neem je een positie in op 100 aandelen. Koersbewegingen werken daardoor procentueel veel sterker door in de waarde van de optie, zowel omhoog als omlaag.
    • Tijdsverval: de tijdswaarde neemt af naarmate de expiratie nadert. Als houder kun je gelijk krijgen over de richting en toch verlies lijden, omdat de beweging te laat of te klein is.
    • Waardeloos aflopen: een optie die out of the money expireert, is niets meer waard. De premie is dan volledig verloren.
    • Margin: wie opties schrijft, moet bij zijn broker zekerheid (margin) aanhouden. Bewegen de koersen ongunstig, dan kan de broker extra zekerheid vragen. Lukt dat niet, dan kan de positie gedwongen worden gesloten. Lees meer over een margin call.
    • Ongedekt schrijven: het belangrijkste verschil tussen een call in bezit nemen en een call schrijven zit in het risicoprofiel. Bij schrijven kun je meer verliezen dan de ontvangen premie, en bij een ongedekte call in theorie onbeperkt.

    Veelgestelde vragen

    Is een calloptie in bezit nemen riskant?

    Het maximale verlies is beperkt tot de betaalde premie plus kosten. Wel komt het regelmatig voor dat die volledige premie verloren gaat, omdat de koers binnen de looptijd voldoende moet stijgen.

    Kun je met een putoptie je aandelen beschermen?

    Ja, een put op aandelen die je al bezit, beperkt het verlies bij een koersdaling onder de uitoefenprijs. Die bescherming kost premie en geldt alleen tot de expiratiedatum.

    Wat gebeurt er als een optie afloopt zonder waarde?

    De optie vervalt. De houder verliest de betaalde premie, de schrijver houdt de ontvangen premie en is van zijn verplichting af.

    Ben je verplicht een optie uit te oefenen?

    Nee. De houder heeft een recht, geen plicht. Hij kan de optie ook voor de expiratie op de beurs van de hand doen of laten aflopen. Let wel op: opties die op de laatste handelsdag in the money zijn, worden op Euronext automatisch uitgeoefend tenzij je andere instructies geeft.

    Verder leren

    Wil je stap voor stap en met oefeningen leren hoe opties werken, inclusief de Griekse letters en het lezen van een optieketen? Bekijk dan de cursus opties voor beginners in ons educatieportaal.

    Educatief, geen beleggingsadvies. Beleggen kent risico's; je kunt geld verliezen. Hebben personeelsleden of Beleggingsinstituut een positie in een besproken aandeel, dan staat dat bij dat aandeel vermeld.

    Veelgestelde vragen

    Klaar om dit in de praktijk te brengen?

    Onze Strategie Training laat je zien hoe je deze kennis omzet in een werkbare beleggingsaanpak.

    Bekijk de Strategie Training