Kiyoh score

Kennisbank

Opties voor beginners

In dit artikel "opties voor beginners" gaan we je leren hoe je kunt werken met opties. Om te kunnen leren hoe je met opties moet werken, is het handig om te weten wat opties precies zijn. Er zijn om te beginnen twee soorten opties, namelijk putopties en callopties. Putoptie Putoptie: Een putoptie geeft je het recht, maar niet de verplichting, om iets te verkopen tegen een bepaalde prijs. Bij een putoptie zorgt een daling van de koers, voor een stijging in waarde van je aandeel. Je koopt dus een putoptie als je verwacht dat de koers van het aandeel daalt, voordat de optie afloopt. Een voorbeeld: Stel dat een handelaar een putoptie heeft gekocht tegen een premie van €10, met een uitoefenprijs van €50, tegen een looptijd van 3 maanden. Met de uitoefenprijs wordt de prijs bedoeld waartegen je het aandeel koopt (in dit geval €50). Tegen het einde van de looptijd is de waarde van het aandeel gezakt van €50 naar €30. De winst die de handelaar heeft gemaakt op zijn putoptie is dan €10, want de waarde van het aandeel is met €20 gedaald, minus de premie van €10 die je voor de putoptie betaald hebt. Indien de koers van het aandeel op de einddatum boven de oefenprijs had gelegen, dus boven de waarde van €50, dan was de putoptie vervallen en was de handelaar zijn premie van €10 kwijt geweest. Deze premie van €10 blijft dan dus bij de verkoper van de putoptie, aan wie de premie aan het begin van de looptijd betaald is. Je winst bij een putoptie is dus altijd: Hoeveelheid waarde daling van het betreffende aandeel minus je betaalde premie Calloptie Calloptie: Een calloptie geeft je het recht, maar niet de verplichting, om iets te kopen tegen een bepaalde prijs. Bij een calloptie zorgt een stijging van de koers, voor een stijging in waarde van je aandeel. Het is dus gunstig als de koers van een aandeel stijgt, want dan wordt je optie meer waard. Een voorbeeld: Stel je zet een calloptie op een aandeel van €50 euro, tegen een premie van €10 euro met een looptijd van één jaar. Je hebt dan een jaar lang de tijd om te bepalen of je het aandeel wilt kopen, maar indien je het aandeel niet wilt kopen, ben je alleen je €10 euro inlegpremie kwijt. Stel dat het aandeel na een paar maanden is gestegen naar een waarde van €80 en je besluit het te kopen, dan heb je €20 euro winst op je calloptie gemaakt. Dit omdat het aandeel met €30 in waarde is gestegen, maar je er nog wel je €10 inlegpremie vanaf moet trekken. Je winst bij een calloptie is dus altijd: Hoeveelheid waarde stijging van het betreffende aandeel minus je betaalde premie     Voor zowel de putoptie als de calloptie geldt dat de prijs waartegen het aandeel te kopen of te verkopen is, de uitoefenprijs wordt genoemd. Alle soorten opties hebben een vervaldatum. De vervaldatum geeft aan wanneer de optie afloopt of vervalt. De contractstijl m.b.t. de vervaldatum kan in twee vormen voorkomen. Zo kan je met Amerikaanse opties, een optie op elk moment vóór de vervaldatum uitoefenen. Met Europese opties kan alleen worden uitgeoefend op de vervaldatum. Call-opties schrijven voor inkomen Een calloptie kopen is hetzelfde als long gaan of profiteren van een stijging van de aandelenkoers. Een belegger kan dus net als long gaan, een calloptie schrijven, waarbij hij of zij premie ontvangt. De callschrijver is verplicht het aandeel aan de calloptiehouder te verkopen als de aandelenkoers, boven de uitoefenprijs stijgt. De calloptiehouder is echter niet verplicht het aandeel te kopen. Bij het schrijven van een calloptie wedt de belegger die short is dat de aandelenkoers gedurende de looptijd van de optie onder de uitoefenprijs zal blijven. Zolang dit gebeurt, verdient de belegger samen met de premie, inkomsten uit deze strategie. Put-opties schrijven voor inkomen Het kopen van een putoptie is vergelijkbaar met short gaan op een aandeel, of profiteren van een daling van de aandelenkoers. Een belegger kan short gaan of een putoptie schrijven, waarbij hij de optiepremie ontvangt in de hoop dat het aandeel boven de uitoefenprijs blijft. Indien bij een putoptie het aandeel onder de uitoefenprijs zakt, is de schrijver van de putoptie, verplicht om het aandeel te kopen aan de houder van de putoptie. De houder van de putoptie is ook hier weer niet verplicht om de optie te kopen. Bij het schrijven van een putoptie wedt de belegger die short is, dat de aandelenkoers gedurende de looptijd van de optie boven de uitoefenprijs zal blijven. Zolang dit gebeurt, verdient de belegger samen met de premie, inkomsten uit deze strategie. Risico’s van putopties en callopties Duidelijk is nu dat put- en callopties het tegenovergestelde van elkaar zijn. Hoewel ze echter veel vergelijkbare risico’s en beloningen hebben, loopt een verkoper van een calloptie, in tegenstelling tot een verkoper van een putoptie, toch wat meer risico. Dit omdat een calloptie in theorie oneindig kan blijven stijgen en dus de verkoper van een calloptie oneindig veel risico kan lopen. De verkoper van een putoptie loopt minder risico. Dit omdat een aandeel nooit verder kan dalen dan 0. De kopers van zowel de put-als callopties lopen het minste risico. Zij verliezen hoogstens alleen hun inlegpremie.   https://youtu.be/LAubP5-FpUg

22 Mar 2022 Lees verder

In the Money vs. Out of the Money: Wat is het verschil?

Bij het handelen in opties is het verschil tussen "in the money" (ITM) en "out of the money" (OTM) een kwestie van de positie van de uitoefenprijs ten opzichte van de marktwaarde van de onderliggende aandelen. Een ITM-optie is er een met een uitoefenprijs die al is overtroffen door de huidige aandelenkoers. Een OTM-optie heeft een uitoefenprijs die de onderliggende waarde nog niet heeft bereikt, wat betekent dat de optie geen intrinsieke waarde heeft. In the money ITM-opties hebben ook een paar ‘issues’. Een handelaar wil bijvoorbeeld zijn positie gedeeltelijk afdekken of ze willen ook een optie kopen die een intrinsieke waarde heeft, en niet alleen een tijdswaarde. Omdat ITM-opties een intrinsieke waarde hebben en hoger geprijsd zijn dan OTM-opties, zijn de prijsbewegingen (procentueel) relatief kleiner. Dat wil niet zeggen dat de ITM-optie geen grote prijsbewegingen heeft, maar in vergelijking met OTM-opties zijn de procentuele bewegingen kleiner. Een calloptie geeft de optiekoper het recht om aandelen te kopen tegen de uitoefenprijs als dit gunstig is. Een in the money calloptie is daarom een ​​optie met een uitoefenprijs die lager is dan de huidige aandelenkoers. Een calloptie met een uitoefenprijs van bijvoorbeeld €132,50 zou als ITM worden beschouwd als de onderliggende waarde wordt gewaardeerd op €135 per aandeel omdat de uitoefenprijs al is overschreden. Een calloptie met een uitoefenprijs van meer dan €135 wordt beschouwd als OTM omdat het aandeel dit niveau nog niet heeft bereikt. In het geval dat het aandeel €135 is en de optie €132,50 noteert, zou de optie een intrinsieke waarde van €2,50 hebben, maar de optie kost hier €5 om te kopen. Het kost €5 omdat er €2,50 intrinsieke waarde is en de rest van de optiekosten, de premie genoemd, is samengesteld uit tijdswaarde. U betaalt meer voor tijdswaarde naarmate de optie verder loopt vanaf het verstrijken van de looptijd, omdat de onderliggende aandelenkoers voor het verstrijken van de looptijd verschuift, wat de koper van de optie een kans biedt, moet het risico voor de optie-schrijver worden gecompenseerd. Putopties worden gekocht door handelaren die denken dat de aandelenkoers zal dalen. ITM-putopties zijn daarom opties met uitoefenprijzen boven de huidige aandelenkoers. Een putoptie met een uitoefenprijs van €75 wordt in aanmerking genomen als het onderliggende aandeel wordt gewaardeerd op €72 omdat de aandelenkoers al onder de uitoefenprijs is gezakt. Diezelfde putoptie zou OTM zijn als de onderliggende aandelen voor €80 worden verhandeld. ITM-opties hebben een hogere premie dan OTM-opties, vanwege het hierboven besproken probleem met de tijdwaarde. Out of the money ITM-opties en OTM-opties hebben beide hun voor- en nadelen. Het ene is niet beter dan het andere. Integendeel, de verschillende uitoefenprijzen in een optieketen zijn geschikt voor alle soorten handelaren en optiestrategieën. Als het gaat om het kopen van opties die ITM of OTM zijn, hangt de keuze af van uw vooruitzichten voor de onderliggende beveiliging, financiële situatie en wat u probeert te bereiken. OTM-opties zijn goedkoper dan ITM-opties, wat ze op hun beurt aantrekkelijker maakt voor handelaren met weinig kapitaal. Enkele van de toepassingen voor OTM-opties zijn het kopen van de opties als u een grote beweging verwacht. Aangezien OTM-opties lagere initiële kosten hebben (geen intrinsieke waarde) dan ITM-opties, is het kopen van een OTM-optie een redelijke keuze. Als een aandeel momenteel wordt verhandeld tegen €100, kunt u een OTM-calloptie kopen van €102,50 als ze denken dat het aandeel redelijk ver boven €102,50 zal stijgen. OTM-opties ervaren vaak grotere procentuele winsten/verliezen dan ITM-opties. Omdat de OTM-opties een lagere prijs hebben, kan een kleine verandering in hun prijs zich vertalen in een groot percentage rendement en volatiliteit. Het is bijvoorbeeld niet ongebruikelijk om de prijs van een OTM-calloptie te zien stuiteren van €0,10 naar €0,15 tijdens een enkele handelsdag, wat overeenkomt met een prijswijziging van 50 procent. De keerzijde is dat deze opties ook zeer snel tegen u kunnen optreden, hoewel het risico beperkt is tot het bedrag dat voor de optie is betaald (ervan uitgaande dat u de optiekoper bent en niet de optieschrijver). Lees ook ons artikel over at the money.

10 Aug 2020 Lees verder

Opties. Wat zijn opties?

Wat zijn opties? Een optie is het recht om een hoeveelheid effecten, zoals aandelen, binnen een bepaalde periode tegen een vooraf afgesproken prijs te kopen of te verkopen. Opties zijn afgeleide producten: iemand koopt of verkoopt niet de effecten zelf, maar het recht om een hoeveelheid effecten binnen een afgesproken periode te kopen of verkopen. Wat zijn opties? Er zijn twee soorten opties: 1. Een Call-optie Een call optie geeft je het recht om iets te kopen tegen een bepaalde prijs. Dit is gunstig als de koers van een aandeel stijgt, dan wordt je optie namelijk meer waard. 2. Een Put-optie Een put optie geeft je het recht om iets te verkopen tegen een bepaalde prijs. Dit is gunstig als de koers van een aandeel daalt, je optie wordt dan meer waard. Voor dit recht betaal je een premie die wordt uitgedrukt in de beurskoers van het optiecontract. Een optiecontract loopt altijd af op de expiratiedatum, deze is vastgelegd in het contract. Als je bijvoorbeeld 1 contract C ING FEB 2020 10 koopt, heb je het recht om 100 aandelen ING tot en met de derde vrijdag van februari 2020 voor €10 per aandeel aan te schaffen. Je winst is dat je de onderliggende waarde op een bepaald moment voor een hogere prijs aan iemand kan verkopen dan de beurskoers. Als je een call- of putoptie koopt, kun je nooit meer verliezen dan je inleg. Met opties kun je vanwege het hefboomeffect met een relatief kleine investering een hoog rendement behalen. Wat zijn opties? Opties zijn simpel gezegd rechten. Deze stellen je in staat om zelfs op een compleet zijwaartse koers winst te kunnen maken. Wat zijn opties? Rekenvoorbeeld De beurskoers van het aandeel Shell noteert in februari 19 euro. Met de aanschaf van één calloptie C SHE APR 2020 20 koop je het recht om 100 aandelen Shell over twee maanden voor 20 euro af te nemen. Voor dit recht betaal je in dit voorbeeld een premie van 1,12. Deze premie moet je vermenigvuldigen met 100, aangezien elk contract gelijk staat aan 100 aandelen Shell. Als je één contract aanschaft, is je investering dus gelijk aan 112 euro. Als de beurskoers van het aandeel Shell vervolgens stijgt naar 24 euro, dan kun je je uw recht uitoefenen en de aandelen kopen voor 20 euro. Tegelijkertijd kun je ze voor een hogere prijs van 24 euro op de beurs verkopen. Je koerswinst is gelijk aan 24 min de beurskoers van 20 euro is 4 euro. Aangezien je ook 1,12 hebt betaald voor de optie verdien je dus 4-1,12 = 2,88 euro. Omdat je bij opties altijd de premie vermenigvuldigt met de contractgrootte, is je totale winst gelijk aan 288 euro. Dit wordt ook wel het hefboomeffect genoemd van opties. Want met dezelfde investering had je nog niet eens 6 aandelen Shell kunnen kopen en was je rendement dus een stuk lager geweest. Wat zijn opties voor de particuliere belegger? Voor de particuliere belegger zijn opties make or break instrumenten. Particuliere beleggers die verstand van zaken hebben kunnen geweldige rendementen maken middels diverse optiestrategieën. Hier heeft André Brouwers, die zijn favoriete optiestrategie graag toelicht, veel verstand van. Zonder de juiste training kunnen opties echter ook tot hele grote verliezen leiden, tot schulden aan toe. Om deze reden is het van cruciaal belang om een goede scholing omtrent opties te ontvangen. U hoeft het wiel niet opnieuw uit te vinden, voor een autorijbewijs zijn óók eerst rijlessen benodigd. Bekijk ook de Instagram pagina van Het Beleggingsinstituut voor toelichting op onderwerpen als deze!

11 Jun 2020 Lees verder

At the money

Wat is At The Money (ATM)? At the money (ATM) is een situatie waarin de uitoefenprijs van een optie identiek is aan de prijs van de onderliggende waarde. Zowel call- als put-opties kunnen tegelijkertijd ATM zijn. Als XYZ-aandelen bijvoorbeeld worden verhandeld tegen €75, dan is de XYZ 75-calloptie at the money en ook de XYZ 75-putoptie is at the money. Een at the money optie heeft geen intrinsieke waarde, maar kan wel een tijdswaarde hebben voordat deze vervalt. De handel in opties is doorgaans hoog wanneer opties ATM zijn. At the money begrijpen At the money is een van de drie termen die worden gebruikt om de relatie te beschrijven tussen de uitoefenprijs van een optie en de prijs van de onderliggende waarde. Opties kunnen in the money (ITM), out the money (OTM) of at the money. ITM betekent dat de optie intrinsieke waarde heeft. OTM betekent dat de optie geen intrinsieke waarde heeft. Simpel gezegd, bij at the money opties zijn ze niet in staat om te profiteren als ze worden uitgeoefend, maar ze hebben nog steeds waarde omdat er nog tijd is voordat ze vervallen, zodat ze mogelijk toch in the money terechtkomen. De intrinsieke waarde van een call-optie wordt berekend door de uitoefenprijs af te trekken van de huidige prijs van het onderliggende effect. De intrinsieke waarde voor een putoptie wordt berekend door de huidige prijs van de onderliggende waarde af te trekken van de uitoefenprijs. Een call-optie is in the money wanneer de uitoefenprijs van de optie lager is dan de huidige prijs van het onderliggende effect. Omgekeerd is een putoptie in the money wanneer de uitoefenprijs van de optie hoger is dan de aandelenkoers van het onderliggende effect. Een call-optie is out of the money wanneer de uitoefenprijs hoger is dan de huidige onderliggende waarde van het effect. Een putoptie is out of the money wanneer de uitoefenprijs lager is dan de huidige prijs van de onderliggende waarde. At The Money en Near The Money De term "Near the money" wordt soms gebruikt om een ​​optie te omschrijven die binnen 50 cent ligt als het aandeel at the money is. Stel bijvoorbeeld dat een belegger een calloptie koopt met een uitoefenprijs van €50,50 en dat de onderliggende aandelenkoers wordt verhandeld tegen €50. De call-optie zou Near the money zijn. De optie zou near the money zijn als de onderliggende aandelenkoers in dit geval tussen ongeveer €49,50 en €50,50 zou worden verhandeld. Near the money en at the money opties zijn aantrekkelijk wanneer handelaren grote bewegingen verwachten.  Optieprijzen voor At The Money-opties De prijs van een optie bestaat uit intrinsieke en extrinsieke waarde. Extrinsieke waarde wordt soms tijdwaarde genoemd, maar tijd is niet de enige factor waarmee rekening moet worden gehouden bij het handelen in opties. Impliciete volatiliteit speelt ook een belangrijke rol bij de prijsbepaling van opties. Net als bij OTM-opties hebben ATM-opties alleen extrinsieke waarde, omdat ze geen intrinsieke waarde hebben. Stel bijvoorbeeld dat een belegger een ATM-calloptie koopt met een uitoefenprijs van €25 voor een prijs van 50 cent. De extrinsieke waarde komt overeen met 50 cent en wordt grotendeels beïnvloed door het verstrijken van de tijd en veranderingen in de impliciete volatiliteit. Ervan uitgaande dat de volatiliteit en de prijs stabiel blijven, hoe dichter de optie afloopt, hoe minder extrinsieke waarde deze heeft. Als de prijs van de onderliggende waarde boven de uitoefenprijs komt, naar €27, heeft de optie nu €2 intrinsieke waarde, plus de extrinsieke waarde die overblijft.

10 Jun 2020 Lees verder

AEX Opties

AEX opties Nederlandse optiebeleggers hebben vaak opties op de AEX. Zij handelen dan opties op zowel de aandelen zelf als op de index. Opties zijn voor de AEX gestandaardiseerd. Zo is de standaardcontractgrootte altijd 100 keer de onderliggende waarde. Opties op de AEX zijn van het Europese type. De optie kan alleen op expiratie worden uitgeoefend en er vindt geen fysieke levering van stukken plaats, maar een cash settlement. Opties aandelen zijn van het Amerikaanse type. De optie kan gedurende de looptijd worden uitgeoefend en er vindt dan fysieke levering van stukken plaats. Eerste optiebeurs Chicago was in de wereld de eerste met een optiebeurs. Zij begonnen al in 1973. In Amsterdam werd de allereerste optiebeurs gestart van Europa. Op 4 april 1978 opende deze beurs haar deuren in de Beurs van Berlage. Na opstart problemen werd optiebeurs steeds groter. Op een bepaald moment heeft de optiebeurs in een eigen gebouw gezeten omdat ze meer ruimte nodig hadden. De optiebeurs vestigde zich aan het Rokin in Amsterdam. De optiebeurs fuseerde in 1997 met de effectenbeurs en vond daarom ook onderdak op Beursplein 5, waar zij nog steeds is gevestigd. Dit was mogelijk doordat de handelsvloer waar eerste effectenhandel plaatsvond volledig was geautomatiseerd. Er was daar genoeg ruimte voor de optiehandelaars om te kunnen handelen. Eind 2002 stopte de vloerhandel volledig in Amsterdam en viel het doek voor de vloerhandel en verplaatste de optiebeurs zich ook volledig naar het scherm. Als men nu naar de handelsvloer kijkt ziet men een serene rust, waar men alleen maar bij een computer zit. Het verkeer in optiehandel verliep tot enkele jaren geleden enkel via Euronext, die effectenbeurs in Amsterdam exploiteert. Tegenwoordig is er een tweede speler bijgekomen The Order Machine (TOM). Voor beleggers was dit goed nieuws, want de transactiekosten op optiecontracten daalde hierdoor. Ook de opkomst van het internet heeft ervoor gezorgd dat transactiekosten omlaag zijn gegaan. Wilt u meer lezer over opties? lees dan nu onze artikelen over de volgende onderwerpen: Amerikaanse opties Opties verkopen Wat zijn opties?     Het Beleggingsinstituut leert beleggers gezond rendement maken met beperkt risico. Dit doen wij via ons online coachingsprogramma en met behulp van persoonlijke trainingen. Bekijk nu ons aanbod hier.

08 Jan 2019 Lees verder

Optie expiratie

Wat is optie expiratie? Het aflopen van een optiecontract noemt men optie expiratie. Op een expiratiedag kan er veel fluctuatie en handel plaats vinden in de opties, omdat partijen dan hun posities zo gunstig mogelijk proberen af te wikkelen of door te rollen. Expiratie van Nederlandse opties Een optie heeft altijd een datum waarop de optie expireert(afloopt). Dit is altijd aan het eind van de looptijd. Voor de meeste opties zijn vasten looptijden afgesproken, dit is meestal de derde vrijdag van de maand. Nederlandse index opties expireren tussen 15:30 uur en 16:00 uur. De expiratiekoers komt tot stand doordat er tussen half vier en vier uur een gemiddelde wordt genomen van de stand op elke hele minuut. De Nederlandse aandelenopties expireren bij het sluiten van de beurs om 17:30 uur.

Expiratie van Amerikaanse opties De Amerikaanse opties expiratie verloopt net zoals de Nederlandse optie expiratie op de derde vrijdag van de maand. Dit gebeurd voor vrijwel alle Amerikaanse opties bij het sluiten van de beurs om 22:00 uur. Er is één uitzondering en dat zijn de opties op de SPX. De opties op de SPX opties expireren bij de opening van de beurs om 15:30 uur. Overzicht optie expiratie *op de derde vrijdag van de maand kunt u indexopties maar verhandelen tot 16:00 uur. Expiratiedata Opties worden verhandeld met verschillende expiratiedata. Met andere woorden; opties hebben een bepaalde levensduur en houden daarna op te bestaan. De expiratiedatum staat vast en heeft een vast interval. Er zijn drie vaste expiratiecycli.  Januari, april, juli, oktober Februari, mei, augustus, november Maart, juni, september, december Al naar gelang de populariteit van een optie zijn er mogelijkheden met verschillende expiratiedata. In sommige gevallen is het zelfs mogelijk om in opties te handelen die een looptijd hebben van vele jaren. In ieder geval is het mogelijk om steeds te handelen in opties met een looptijd van minimaal negen maanden. De laatste dag waarop nog gehandeld kan worden is op de expiratiedatum van de optie. Dit is de 3e vrijdag van de maand waarin de optie afloopt. Tot 16:00 kunnen er nog indexcontracten verhandeld worden. Contracten op individuele aandelen kunnen echter verhandeld worden tot en met sluitingstijd van de beurs. De expiratiedatum van de optie loopt echter pas af op de volgende dag. Dit is van belang met betrekking tot de eventuele uitoefening van de optie! Uw opdrachten tot assignment of exercise kunt u dan ook (afhankelijk van de u ter beschikking staande faciliteiten) opgeven tot en met zaterdagmorgen 13.00 uur. Meer over opties leren? Bekijk onze online optie trainingen   Opties voor beginners   De basis van opties   Opties voor gevorderden   Opties en constructies  

09 Mar 2017 Lees verder

Amerikaanse opties

Amerikaanse opties Er worden twee optiestijlen onderscheiden. Amerikaanse opties en Europese opties. Dit zegt niets over waar de optie verhandeld wordt of dat de onderliggende waarde in Amerika of Europa verhandeld wordt. Het geeft aan wanneer de optie uitgeoefend mag worden. De Amerikaanse optie mag gedurende de hele looptijd worden uitgeoefend. Dat wil zeggen dat de koper van de optie, die dus het recht heeft om te mogen kopen (call) of verkopen (put), op ieder moment de tegenpartij mag aanwijzen om zijn plicht na te komen. Dit heet assignment. Dat een koper op ieder moment mag uitoefenen betekent dat het risico iets kleiner is vanwege meer flexibiliteit. Dit type opties zijn daarom iets duurder dan de Europese variant. Het op ieder moment mogen uitoefenen is wel gebonden aan beurstijden. Als de beurs niet open is, dan kan er ook niet uitgeoefend worden. Het Europese type optie kan enkel op expiratie worden uitgeoefend. Tussendoor kan de koper van de optie dus niet de tegenpartij aanwijzen om zijn plicht na te komen. Dit houdt echter niet dat zowel de koper als de schrijver niet van de optie afkunnen. Via de beurs kunnen ook Europese opties gedurende looptijd verhandeld worden. Er bestaan ook nog wat exotische optietypes die veel zeldzamer zijn. Dit zijn bijvoorbeeld de Bermudan en Canarian opties. Deze opties mogen alleen gedurende bepaalde intervallen uitgeoefend worden die van tevoren zijn afgesproken. Aandelenopties zijn doorgaans van het Amerikaanse type, indexopties zijn doorgaans van het Europese type.   Berekening optieprijzen Amerikaanse opties Bij Amerikaanse opties dient de belegger rekening te houden met de mogelijkheid van vervroegde uitoefening. In de praktijk is gebleken dat Amerikaanse opties meestal worden uitgeoefend op het moment dat er een dividenduitkering plaats heeft. Indien deze wetenschap benut wordt dan kan de prijs van een Amerikaanse optie bij benadering gevonden worden als zijnde het maximum van de premie van een Europese optie met een looptijd tot de eerste dividenddatum en de premie van een Europese optie met een looptijd die gelijk is aan de Amerikaanse optie. Voordelen van Amerikaanse opties – Openingstijden Amerikaanse beurzen; – Liquiditeit van opties; – Aanbod van opties ( meer dan 3.000 aandelen die opties hebben) Opties Europese stijl Indexopties, zoals opties op de AEX-index, behoren tot de Europese stijl. Uitoefening geschiedt alleen op basis van ‘cash settlement’. Dit houdt in, dat alleen in contanten wordt afgerekend. De onderliggende waarde kan niet worden gekocht of verkocht. Omdat de AEX-index uit 25 verschillende aandelen is samengesteld is het ondoenlijk om al deze stukken te leveren dan wel te kopen. Daarom wordt gekozen om bij uitoefening van deze AEX-indexoptie af te rekenen in contanten. Opties worden in Nederland verhandeld op de Optiebeurs van Euronext Amsterdam. Het is hier mogelijk om voor een aantal verschillende onderliggende waarden opties te verhandelen. Onderstaand hebben wij het verschilen van de Amerikaanse opties en Europese opties in een overzicht geplaatst.  

09 Mar 2017 Lees verder

Opties

In dit artikel over opties leggen wij u uit wat opties zijn. Tevens bekijken we hoe opties zijn ontstaan en hoe dit instrument is opgebouwd. De volgende aspecten komen aan bod. Wat zijn opties Soorten opties Voorwaarden Het kopen van opties Het kopen van een calloptie Het kopen van een putoptie Opties verkopen Het schrijven van een callotpie Het schrijven van een putoptie Wat zijn opties? Opties zijn een derivaat. Derivaten zijn financiële producten waarbij de waarde ervan is afgeleid van een ander financieel product, de onderliggende waarde. De waarde van een optie is dus afhankelijk van de waarde van de onderliggende waarde. De onderliggende waarde kan van alles zijn, een aandeel, index, rente, valuta, etc.. Opties gebruikt men om in te kunnen spelen op een bepaalde koersbeweging of om er juist tegen beschermt te zijn. De optie is een contract dat twee partijen met elkaar afspelen. De koper van het optiecontract verwerft het recht om gedurende de looptijd of op een bepaald moment in de toekomst de onderliggende waarde te mogen kopen of verkopen aan de tegenpartij, dit heet fysieke levering. Afhankelijk van de onderliggende waarde zal bij een cash settlement de afwikkeling van het contract zijn. Bij een cash settlement wordt het verschil gecompenseerd tussen de waarde van het onderliggende product en de vooraf afgesproken prijs (uitoefenprijs of strike). De koper betaalt voor het contract een bedrag dat de optiepremie wordt genoemd. De verkoper, die ook wel schrijver wordt genoemd, ontvangt deze premie. Twee soorten opties Er worden twee soorten opties onderscheiden: calltopties en putopties. Een calloptie geeft de koper ervan het recht om een bepaalde financiële waarde te mogen kopen tegen de uitoefenprijs gedurende de looptijd of op een bepaald moment in toekomst, of om een geldbedrag te ontvangen in het geval van een cash settlement. De schrijver gaat de plicht aan om de onderliggende waarde te leveren, of om een geldbedrag te leveren. Een putoptie geeft de koper het recht om een product te mogen verkopen gedurende de looptijd, of op een bepaald moment in de toekomst, of een geldbedrag te ontvangen in het geval van cash settlement. De schrijver gaat de plicht aan om de onderliggende waarde te kopen, of om een geldbedrag te leveren. Of een optie gedurende de looptijd of op een bepaald moment in de toekomst kan worden uitgeoefend, hangt af van het type optie. Er zijn Amerikaanse opties en Europese. Amerikaanse opties kunnen gedurende de looptijd uitgeoefend worden. Europese opties kunnen enkel aan het einde van de looptijd uitgeoefend worden. Dit betekent niet dat Europese opties tussentijds niet verhandeld kunnen worden. Aandelenopties zijn van het Amerikaanse type, daarentegen zijn opties op een index van het Europese type. Opties kunnen zowel in het openbaar verhandeld worden op de beurs, waar de contracten gestandaardiseerd zijn. Tevens kunnen twee partijen ook zonder tussenkomst van de beurs een optiecontract met elkaar sluiten. Dit worden Over-the-counter(OTC) opties genoemd. Hierbij maken de partijen zelf de voorwaarden uit. Voorwaarden De voorwaarden hebben betrekking op contractgrootte, looptijd en de uitoefenprijs. Zo hebben optiecontracten doorgaans betrekking op meer dan een keer de onderliggende waarde. In het geval van aandelen gaat het optiecontract om 100 aandelen. Een optie de EUR/USD-koers heeft een contractgrootte van €20.000. Standaardoptie hebben een looptijd van minstens een maand tot maximaal vijf jaar. Er zijn echter ook dagopties en weekopties beschikbaar. De uitoefenprijs is de prijs waartegen afgerekend wordt. Als de looptijd van een optie afloopt, heet dit expiratie. M.u.v. dag- en weekopties expireren opties altijd op de derde vrijdag van maand waarin ze expireren. Dit is wereldwijs zo geregeld.   Het kopen van opties De koper van de optie betaalt een premie en verwerft daarmee een recht. Een koper weet van tevoren precies hoeveel hij maximaal kan verliezen, namelijk de premie die hij betaald heeft. Ook al zal de verwachting helemaal niet uitkomen, dan zal de koper nooit meer kunnen verliezen dan premie. In een twee voorbeelden wordt toegelicht hoe het kopen van opties werkt. Zowel de calloptie als de putoptie wordt besproken. In het voorbeeld is Unilever de onderliggende waarde met een koers van €40. Let op dat een optiecontract op aandelen altijd om 100 aandelen gaat. De prijs van een optie zal dus maal 100 gedaan moeten worden. Het kopen van de calloptie De koper van een calloptie zal de verwachting hebben dat het aandeel zal stijgen. Een belegger verwacht inderdaad een stijging van het aandeel Unilever. Hij verwacht dat het aandeel €45 zal doen, maar hij wil er niet €4.000 in investeren. Om toch van deze verwachte stijging te profiteren koopt hij daarom calloptie van maart 2017 met een uitoefenprijs van €42,-. Deze optiekoers is €1,45, dus het kost de belegger €145,-. Het aandeel is op expiratie in maart €47 waard. De belegger zal zijn optie uitoefenen, want hij koopt daarmee 100 aandelen voor €4.200 terwijl ze €4.700 waard zijn. De belegger heeft een winst behaald van €355,-, namelijk de €500,- winst min de optiepremie van €145,-. Het aandeel heeft per saldo niet bewogen en is nog steeds €40,-. In dit geval zal de belegger de optie niet uitoefenen, het aandeel kan namelijk voor €40,- gekocht worden, dan zal de belegger de aandelen niet tegen uitoefenprijs kopen. De belegger heeft een verlies van €145,-. Unilever is gedaald in waarde naar €34,-. Ook in dit geval zal de belegger de optie niet uitoefenen en heeft hij €145,- verlies gedraaid. Had de belegger echter de aandelen gehad, dan had hij een verlies van €600 gehad, aanzienlijk meer. De koper van een calloptie beperkt dus zijn winst als de verwachting uitkomt, echter als het aandeel de andere kant op gaat, is de belegger enkel de premie kwijt. Als het aandeel niet beweegt is dat het meest vervelend. De aandelenbelegger zal geen winst, maar ook geen verlies hebben gemaakt, maar de optiebelegger is €145,- kwijt. Het kopen van een putoptie De koper van een putoptie verwacht dat de aandelen die hij in bezit heeft, zullen dalen in waarde en hij wilt zich daartegen beschermen. Een belegger verwacht een daling van het aandeel Unilever en koopt een putoptie om zich daartegen te beschermen. Hij koopt een putoptie met de uitoefenprijs €38 met een expiratiedatum van maart 2017. Deze optie kost €1,54, de belegger betaalt €154 voor deze optie. De verwachting komt niet uit, het aandeel stijgt naar €44,-. Hij zal de optie niet uitoefenen, want hij €44 krijgen per aandelen. Op zijn aandelen verdiend hij €400, maar zijn optie is waardeloos. Hij heeft dus een resultaat behaald van €246,-. Had hij geen putoptie gekocht, dan had hij de volle €400 verdiend. Het aandeel heeft per saldo niet bewogen en is nog steeds €40. De belegger heeft geen resultaat behaald op zijn aandelen, maar wel is de optie waardeloos. De belegger heeft dus een verlies van €154 gemaakt. Had hij alleen de aandelen gehad, dan had hij niets verdiend, maar ook niet verloren. De verwachting komt wel uit, het aandeel is gedaald tot maar liefst €32,-. Gelukkig mag de belegger vanwege zijn optie, zijn aandelen verkopen voor €38,-. De belegger maakt een verlies van €200 op zijn aandelen. Daarbij komt ook nog de optiepremie van €154. Het totale verlies van de belegger is €354,-. Had hij geen putoptie gekocht, dan was zijn verlies veel groter geweest, namelijk €800. Door een putoptie te kopen heeft de belegger de schade beperkt. De koper van een putoptie heeft liever dat het aandeel stijgt en neemt voor lief dat hij dan zijn winst beperkt, echter mocht het aandeel naar verwachting inderdaad dalen, dan is de belegger enigszins beschermt. Doet het aandeel niets, dan is de putoptie voor niets geweest en heeft hij voor niets de premie betaald. Opties verkopen Opties verkopen wordt doorgaans schrijven genoemd. De schrijver ontvangt de premie die koper moet betalen voor de optie. Voor de schrijven van de optie staat maximale winst van tevoren vast, namelijk de ontvangen premie. Het potentiële verlies is oneindig in het geval van callopties en beperkt, maar omvangrijk in het geval van een putoptie. Met twee voorbeelden wordt het schrijven (verkopen) van optie uitgelegd. In de voorbeelden is het aandeel Unilever de onderliggende waarde met een koers van €40,- Let op dat een optiecontract op aandelen altijd om 100 aandelen gaat. De prijs van een optie zal dus maal 100 gedaan moeten worden. Het schrijven van een calloptie Iemand die een calloptie schrijft heeft de verwachting dat het aandeel niet veel zal bewegen. De schrijven zal extra rendement willen maken op zijn aandelen door een calloptie te schrijven. De belegger verwacht in dit geval dat het aandeel Unilever over zes maanden nog steeds €40,- doet. Om een beetje lucht te hebben, schrijft de belegger de 44 callopties van maart 2017. Deze optie kost €0,76, dus het levert de belegger een premie van €76 op. Het aandeel is opgelopen tot €47,-. Dit zal betekenen dat de schrijver de aandelen zal moeten leveren voor €44 per stuk. De schrijver behaald €400,- aan koerswinst, het verschil tussen €40 en €44. Daarbij heeft de schrijver ook nog €76 aan premie ontvangen. De schrijver verdient hier dus €476,- aan. Had hij geen calloptie geschreven, dan had hij een winst van €700 gemaakt. Het aandeel is per saldo niet veranderd. De schrijven van de optie hoeft niets te leveren, want de koper zal de optie niet uitoefenen. Wel heeft schrijver €76 verdiend aan de premie. Had hij niet geschreven, dan had hij niets verdiend of verloren. Het aandeel is gedaald in waarde naar €34. De schrijver heeft een verlies op zijn aandelen van €600,-, maar hij heeft wel €76 verdiend aan de calloptie die in dit geval niet zal worden uitgeoefend door de koper. Het verlies is €524,-. Had hij niet geschreven, dan was zijn verlies €600,-  geweest. De schrijver van een calloptie zal zijn winst beperken als het aandeel voorbij de uitoefenprijs stijgt. Daarentegen maakt hij wel rendement als er niets gebeurd en is zijn verlies kleiner als het aandeel in waarde daalt. Het schrijven van opties kan er risicovol zijn vanwege een onbeperkt verlies, daarom is het verstandig om dit nooit ongedekt te doen. In dit voorbeeld is de schrijver gedekt, omdat hij de onderliggende waarde in bezit heeft. Het schrijven van een putoptie De schrijver van optie heeft de verwachting dat het aandeel zal gaan stijgen in waarde of gelijk zal blijven. De schrijven hoeft de aandelen niet te hebben, maar wil wel profiteren van een eventuele stijging of dat het aandeel gelijk blijft. Een speculant verwacht dat het aandeel licht zal stijgen en wilt daarvan profiteren, zonder dat hij de aandelen hoeft te kopen. Daarom schrijft hij de putoptie van maart 2017 met een uitoefenprijs van €38, die kost €1,50. Dit levert de schrijver €150,- op. Het aandeel stijgt licht, van €40,- naar €42,-. De speculant steekt de volledige €150 aan premie in zijn zak. De koper van de putoptie zal namelijk geen gebruik maken van de optie, omdat hij de aandelen voor meer dan €38 kan verkopen. Had de speculant de aandelen gekocht, dan had hij €200 verdiend. Het aandeel blijft gelijk op €40,-. Ook in dit geval steekt de speculant de volledige €150,- in zijn zak. Had hij de aandelen gekocht, dan had hij geen rendement gemaakt. Het aandeel daalt in waarde naar €36,-. De schrijver zal nu worden aangewezen door de koper van putoptie om zijn aandelen te kopen voor €38,-. Omdat de schrijver een verplichting daartoe is aangegaan, moet hij de aandelen kopen. Op die aandelen maakt de schrijver direct een verlies van €200 omdat de werkelijk koers op €36 staat. Hij heeft wel €150,- premie ontvangen en dus heeft de speculant per saldo een verlies van €50. Had hij de aandelen gekocht, dan had hij €400 verloren. De schrijver van putoptie komt vooral in de problemen als de koers van de onderliggende waarde hard daalt, maar zal altijd minder verliezen als hij de aandelen zelf had gekocht. Als het aandeel echter hard stijgt, dan kan hij niet volledig profiteren van de stijging, omdat hij zijn winst enkel uit de premie kan halen.  

09 Mar 2017 Lees verder

Kennispartners