Momenteel is er in Nederland sprake van ongeveer 2,7% inflatie. Dit betekent dat men dus gemiddeld 2,7% minder goederen of diensten kan afnemen dan vorig jaar. In dit artikel wordt er uitgelegd wie de slachtoffers en wie de winnaars zijn van deze situatie.

De gevolgen van inflatie zijn nogal variabel. Zo zal de koopkracht dalen, wat betekent dat men met hetzelfde loon in de toekomst minder goederen en diensten kan afnemen. Daarnaast stijgt het algemene prijsniveau ook nog eens harder dan het inkomen. Dit betekent dat werknemers reële inkomensverliezen leiden en dit geldt ook voor ontvangers van uitkeringen en pensioenen. Het gaat echter te ver om te stellen dat inflatie per definitie negatief is. Wanneer iemand schulden heeft dat wordt de schuld minder waard. Men betaalt de schuld immers terug in euro’s die inmiddels minder waard geworden zijn. Dat betekent tegelijkertijd dat schuldeisers geld verliezen omdat hun uitstaande vorderingen steeds minder waard worden.

Inflatie en vermindering van koopkracht

We spreken van inflatie wanneer het algemeen prijspeil stijgt. Makkelijker gezegd: wanneer je met €50,- minder boodschappen kan kopen dan het jaar ervoor. Inflatie telt zwaarder mee bij producten die de gemiddelde consument regelmatig of vaak gebruikt, zoals voedingsmiddelen en elektriciteit. Producten, zoals postzegels of luxeartikelen zijn voor de economie minder belangrijk en hier wordt dan weer een lichter gewicht aangehangen in een prijsindexcijfer.

Inflatie betekent dus samengevat: een stijging van het algemene prijspeil. De prijsstijging van 1 bepaald product leidt nog niet tot inflatie, hoe belangrijk een specifiek product ook kan zijn (bv. olie ). Een vereiste voor landelijke inflatie is dat álle prijzen, of althans het merendeel daarvan, stijgt. De stijging van het prijsindexcijfer voor consumptiegoederen is een goede graadmeter voor de mate van inflatie. Een direct gevolg van inflatie is de vermindering van de koopkracht van ons geld.

Eén kanttekening: prijsstijgingen laten zich niet alleen door inflatie verklaren

In principe vergelijken economen de prijsstijging van een mandje boodschappen in 2018 met de kosten van die artikelen in 2019. Het verschil staat voor inflatie of deflatie. Het is echter iets complexer dan dat, want prijsstijgingen kunnen immers niet alleen door inflatie worden verklaard. Kwaliteitsverhogingen kunnen er bijvoorbeeld ook voor zorgen dat een product duurder wordt. Vooral in de IT-sector stijgen diensten en producten significant door kwaliteitsinjecties.

Algemeen prijspeil stijgt sneller dan lonen en salarissen

Zoals hierboven vermeld: Het algemeen prijspeil heeft de neiging sneller te stijgen dan de inkomens. De prijzen van goederen en diensten zijn immers veel flexibeler aanpasbaar dan de salarissen van werknemers. Die zijn vaak voor een bepaalde periode contractueel vastgelegd.

Een matige inflatie heeft meer voordelen dan nadelen

Een matige inflatie van enkele procenten per jaar heeft meer gunstige dan ongunstige effecten. Een geringe inflatie leidt ertoe dat de vraag naar goederen en diensten gestadig maar met mate wordt geprikkeld. Een stijgende productie als gevolg van toegenomen vraag impliceert meer werkgelegenheid.

De gevolgen van prijsstijging voor onze export

Cruciaal bij het beoordelen van de nadelige inflatie is de mate van prijsstijging in andere landen. En dan met name de landen waarmee ons land intensieve handelsbetrekkingen onderhoudt. Als blijkt dat in de landen waarnaar wij exporteren een even hoge of nóg hogere inflatie heerst, wordt het in beginsel nadelige effect van inflatie voor onze uitvoer, grotendeels gecompenseerd.

Inflatie en schulden

Mensen die een schuld hebben doen meestal gunstige zaken bij inflatie omdat als gevolg van de muntontwaarding de werkelijke waarde van hun terug te betalen schulden verminder. Wie destijds een lening is aangegaan die 10 jaar later moest worden terugbetaald, verricht die terugbetaling met euro’s van dit moment die wellicht 20 of 30% minder waard zijn dan de euro’s die oorspronkelijk geleend werden.

Inflatie voor spaarders en schuldeisers

Elke inflatie, hoe klein de inflatie ook is, is nadelig voor schuldeisers en spaarders:

  • Voor spaarders, omdat: De koopkracht van hun spaarcenten vervliegt naar gelang de prijzen stijgen;
  • Voor schuldeisers, omdat: Na afloop van de overeengekomen krediettermijn worden terugbetaald in euro’s die minder waard zijn.

Goud als bescherming tegen inflatie

Gelukkig gaat een gematigde inflatie bijna altijd gepaard met meer economische activiteit. Dit betekent dat spaarders en schuldeisers via een gestegen inkomen delen in de toegenomen welvaart. vermogen vastzetten in grondstoffen is een goed middel om jezelf te beschermen tegen inflatie. Dit kan bijvoorbeeld in goud.

De staat profiteert

Inflatie verlaagt eigenlijk de overheidsschuld. Ook al blijft de nominale waarde van de schulden gelijk, de reële waarde van de schulden neemt af. Daarnaast ontvangt de staat meer omzetbelasting. Omdat het geld tijdens een periode van inflatie aan waarde verliest, neemt de omloopsnelheid ervan overeenkomstig toe. Alles dreigt snel duurder te worden. Om die reden wilt niemand zijn geld lang vasthouden. Het wordt zo snel mogelijk ingewisseld voor goederen en diensten.

Het Beleggingsinstituut leert beleggers gezond rendement maken met beperkt risico. Dit doen wij via ons online coachingsprogramma en met behulp van persoonlijke trainingen. Bekijk nu ons aanbod hier.